Reizen

De eerste maanden na de transplantatie moet je lichaam zich nog aanpassen aan zijn nieuwe situatie. De kans op afstoting is nog vrij groot en je moet nog regelmatig op controle komen. Daarna kun je meestal zonder problemen een reis plannen. Reis het eerste jaar niet te ver. Bespreek je bestemming altijd met je specialist. 

Voor sommige bestemmingen zijn inentingen nodig. Weet dat sommige vaccins, levende vaccins genoemd, absoluut verboden zijn voor getransplanteerden. Deze inentingen bevatten een levende vorm van de ziekte waarvoor je ingeënt wordt en kan zo worden overgedragen. Dit heeft tot gevolg dat sommige delen van de wereld afgeraden worden.

Voorzie de nodige geneesmiddelen (en bijsluiter) voor de duur van de reis en nog wat reserve. 

Bevraag voor je reis bij je ziekenfonds de mogelijkheden van een repatriëringsverzekering. 

Zorg dat je altijd voldoende geneesmiddelen bij hebt bij verplaatsingen.

Check bij de sociale dienst welk transplantatiecentrum zich bevindt in de buurt van je vakantieplek.