Pancreas (alvleesklier)

De alvleesklier (de pancreas) speelt een belangrijke rol bij de stofwisseling. Dit orgaan maakt onder andere het hormoon insuline aan. Insuline regelt de energiehuishouding van het lichaam. Als er geen of te weinig insuline wordt gemaakt, spreken we van suikerziekte (diabetes).

Diabetes brengt vaak nevenwerkingen met zich mee en kan ook leiden tot nierafwijkingen en nierfalen. In geval van nierfalen is nierdialyse of niertransplantatie noodzakelijk. 

Bij mensen met diabetes type 1 wordt indien mogelijk op het moment van de niertransplantatie ook een ruilpancreas (gecombineerde nier-pancreastransplantatie) voorzien. In principe kan hiermee naast het behandelen van de slechte nierwerking ook de diabetes opgeheven worden, zodat het risico op ernstig ziek worden door insulinetekort (ketoacidose) en een te lage bloedsuikerspiegel (hypoglycemie) verdwijnt en chronische complicaties gestabiliseerd worden. Op lange termijn wordt zo ook de transplantatienier beschermd tegen de nadelige gevolgen van diabetes. De gecombineerde nier-pancreastransplantatie is wel een meer ingrijpende procedure dan een niertransplantatie alleen zodat niet iedere patiënt met diabetes hiervoor geschikt is.

Voor er beslist wordt tot een eventuele transplantatie, moeten de kandidaten een grondige evaluatie (met inbegrip van allerlei vooronderzoeken) ondergaan met de bedoeling de risicofactoren van de ingreep in te schatten. Na deze evaluatie wordt in multidisciplinair overleg besloten tot het al dan niet activeren op de wachtlijst.

Eilandjes

Eilandjestransplantatie (ook wel bètaceltransplantatie genoemd) werd al lang voorgesteld als potentiële genezing van diabetes type 1. In België werd het eilandjestransplantatieprogramma operationeel in 1990 met de isolatie van humane β-cellen van pancreassen van overleden donoren voor transplantatie. 

Bètaceltransplantatie wordt momenteel uitgevoerd door injectie van cellen in de lever van patiënten met diabetes type 1. Dit gebeurt met afweeronderdrukkende medicatie om afstoting te voorkomen. Voordelen zijn een daling van het aantal hypoglycemie-episodes (te lage bloedsuikerspiegel) en een meer stabiele glucosecontrole. Verder kunnen de insuline-injecties bij 50 procent van de patiënten tijdelijk gestopt worden. 

Maar zelfs in afwezigheid van insulineonafhankelijkheid is de aanwezigheid van eigen insulineproductie voordelig: de gemiddelde glycemie daalt, de glucosevariabiliteit vermindert en er is een daling van het risico op ernstige hypoglycemie. Hierdoor stijgt ook de levenskwaliteit. De ideale kandidaat voor bètaceltransplantatie is dus een patiënt met ernstige hypoglycemie-episodes of een patiënt met progressieve chronische complicaties, ondanks intensieve insulinetherapie. De voordelen moeten bij alle patiënten echter altijd afgewogen worden tegen de mogelijke nevenwerkingen en risico’s van de afweeronderdrukkende medicatie.

Onderzoekers in België en daarbuiten zijn voortdurend op zoek naar methoden om de bètaceltransplantatie verder te ontwikkelen tot een langdurige genezing van diabetes. Om dit te bereiken lopen er verschillende studies in proefdiermodellen en bij patiënten met diabetes. De efficiëntie van implantatieplaatsen buiten de lever zoals het omentum (buiknet) wordt momenteel onderzocht. 

Eilandjes- en pancreastransplantaties 2004 - 2016

In 2016 vonden er in België 11 gevasculariseerde (volledig orgaan) pancreastransplantaties plaats. Op 31 december van dat jaar stonden er nog altijd 40 mensen op de wachtlijst voor een pancreastransplantatie (gevasculariseerd of eilandjestransplantatie).